Interview Aart Staartjes: 'Ik hou van knorrigheid.'

Interview Aart Staartjes: 'Ik hou van knorrigheid.'

Begin deze maand kwam de tweede druk uit van Hannes, een kinderboek geschreven door niemand minder dan Aart Staartjes. Hannes is een jongetje van vijf en hij woont in een klein dorpje. Hij beleeft allerlei avonturen, die in negen voorleesverhalen zijn opgeschreven op een manier die zowel aansprekend is voor kinderen, maar ook voor hun ouders.

Voor Aart Staartjes is Hannes het eerste kinderboek dat hij heeft geschreven, wat genoeg reden is voor een interview. Ik spreek daarom met hem af in café de Ooievaar, in Amsterdam, waar ik hem aan een flink aantal vragen onderwerp. Het wordt een leuk en intrigerend gesprek, met een van Nederlands meest bekende persoonlijkheden.


Hannes is uw eerste kinderboek. Waarom nu pas een boek voor kinderen?
Veel uitgevers hadden mij al eens gevraagd om een kinderboek te schrijven, maar eerlijk gezegd zag ik er nooit iets in. Dit kwam grotendeels omdat ik niets kon bedenken wat leuk of interessant genoeg was om voor kinderen te schrijven. Daarbij wilde ik ook iets maken wat ik zelf ook leuk vond. Natuurlijk had ik al meer geschreven en schrijf ik onder andere columns voor het Griekenland magazine. Ik ben dol op dat land en ik heb er dan ook een woning waar ik regelmatig verblijf. Daar ben ik een soort klusjesman van alles, of zoals Hannes dat noemt: 'Een makelaar van alles'. Uiteindelijk heb ik Hannes ook in Griekenland geschreven. In een zomer, waarbij ik ongeveer een uur per dag heb geschreven.

Het boek straalt eenvoud uit. Hannes komt uit een arm gezin, er zijn geen moderne gemakken zoals bijvoorbeeld elektriciteit. Waarom deze invalshoek?

Het klopt dat Hannes een kinderboek is zonder al te veel poespas. Het thema is een loflied op de eenvoud en hier heb ik ook heel bewust voor gekozen. Kinderen hebben al zoveel en als ik naar mijn eigen kleinkinderen kijk dan vraag ik me wel eens af: 'Wat kun je ze nog geven? Ze krijgen alles al.' Soms krijg ik hierdoor de indruk dat ouders van nu, druk met werk en hun eigen leven, hun 'schuld' willen afkopen door hun kinderen maar alles te geven. Gewoon wachten met een nieuwe fiets tot Sinterklaas of hun verjaardag is er niet meer bij. Ik vraag me dus ook vaak af of dit nu wel zo goed is. Kun je de kleine en eenvoudige dingen van het leven nog wel waarderen als je alles krijgt wat je wilt en meer krijgt dan je nodig hebt. In Hannes heb ik dus ook geprobeerd om hier wat tegenwicht aan te geven en te laten zien dat een eenvoudig leven niet saai hoeft te zijn.

Deze eenvoud heeft u niet alleen doorgetrokken in het materialistische, maar ook in de denkwijze van Hannes en zelfs in de verhaallijn.

Dat zou je in zekere zin zo kunnen zien, maar kinderen van die leeftijd zijn ook nog niet zo gecompliceerd als volwassenen. Ze denken op een veel simplistischere en eenvoudigere manier dan wij. Een voorbeeld hiervan is wanneer Hannes op school Erik leert kennen die zich in de klas voorstelt als Erik met een k, zodat iedereen weet hoe je zijn naam moet schrijven. Voor Hannes heet hij dus vanaf dat moment Erik Met een K. Geen moeilijk gedoe, gewoon zoals het is. Wat betreft de verhaallijnen heb ik inderdaad geprobeerd om dit zo eenvoudig mogelijk te houden. Wat mijn grootste probleem is met bijvoorbeeld de huidige kinderprogramma's is dat alles zo snel moet en dat er teveel verhaallijnen door elkaar lopen. Hier draait het tegenwoordig om, maar snelheid is niet altijd een garantie voor succes. Bij peuters en kleuters is het heel belangrijk om herhaling, rust en herkenbaarheid te creëren. Kijk maar naar de Teletubbies. Een ongelooflijk populair programma en terecht.

U schuwt in het boek geen enkel thema. Geloof, het koningshuis, bloot en zelfs de dood passeren de revue.

Ook dat klopt. Ik hou er niet van om dingen onbespreekbaar te laten, dat past niet bij mij en ik schrijf in eerste instantie datgene wat ik zelf leuk en interessant vind of juist onbegrijpelijk, zoals de dood. Voor kinderen is de dood net zo'n mysterie als voor ons en over het algemeen is het helemaal niet ongebruikelijk om kinderen zo ver als mogelijk weg te houden van de dood. Religie biedt hierbij ook geen enkele houvast. Mijn eigen vader werd gedoopt op zijn zesenzestigste en naarmate hij ouder werd merkte ik dat hij alleen maar banger werd, ondanks zijn nieuw gevonden religie.

Vond uw uitgever het geen probleem dat u sommige thema's in Hannes verwerkte?

Over het algemeen kreeg ik daarin de vrije hand, maar het verhaal over het naaktstrand was wel een hobbel die ik moest nemen en ging dan ook gepaard met flink wat discussie. Kinderen vinden het echter prachtig. Zo hoorde ik mijn jongste kleinzoon een keer zeggen tegen een van zijn vriendjes: 'Nee, ga naar die andere bladzijde. Die vrouw heeft veel dikkere tieten.' Ik moest daar erg om lachen. Kinderen zeggen dingen heel puur en volwassenen kunnen dat niet altijd begrijpen, omdat ze hun eigen invulling aan dingen geven. Een invulling die nu eenmaal wordt gekleurd door levenservaringen.

Begrijpt u kinderen dan beter dan de meeste volwassenen?

Nee, dat doe ik zeker niet. Eigenlijk weet ik niet zoveel van kinderen, behalve dan dat wat ik van mijn eigen jeugd weet. En daarbij vind ik het gewoon leuk om taboes aan te snijden. Het maakt het spannend en ik beleef er lol aan om dit te doen. Soms worden mensen dan ook wel eens boos, zoals het verhaaltje waarin het koningshuis ter sprake komt. Ik kan daar niet echt mee zitten. Voor kinderen, maar eigenlijk ook voor mij, is zo'n koningshuis en kroonprins maar een vreemd instituut. Ik denk dat het hierbij gaat om rechtvaardigheid. Binnen een democratie is het niet te tolereren dat mensen door erfopvolging staatshoofd worden. Dat ik dit verwerk in een kinderverhaal is misschien omdat dit een veilige vorm is om mijn eigen mening hierover te ventileren.

Is het dan de bedoeling om kinderen iets te leren met de verhalen die in Hannes staan?

Nee, het is zeker niet de bedoeling om kinderen iets te leren of een mening op te dringen. Kinderen vinden het gewoon leuk om verhalen te horen en het maakt niet uit of deze puur fantasie zijn of niet. Ik herinner mij nog goed dat ik opgroeide in Schellingswoude. Ik was toen ongeveer veertien jaar en in het dorp woonde ook een oude visser. Wij noemde hem Gijs de leugenaar. Dat was niet onrespectvol bedoeld, maar het bijzondere aan hem waren zijn verhalen. Deze waren vol visserslatijn en kostelijk om naar te luisteren. Heb ik daar iets van geleerd? Wellicht dat buitenissige redeneringen waar mensen over praten bijster interessant zijn. Kletsverhalen zijn gewoon veel interessanter, dan de saaie werkelijkheid.

U zegt dat u van kinderen niet zoveel weet, behalve wat u nog van uw eigen jeugd kunt herinneren. Wat was u voor kind?

Inderdaad, ondanks mijn vele werk met kinderen blijf ik zeggen dat ik weinig van ze weet. Daarentegen denk ik dagelijks aan mijn eigen jeugd. Ik was een dromerig kind en er niet altijd zo bij. Ik werd net voor de oorlog geboren en mijn eerste herinneringen dateren uit 1941. Alles was eenvoudig en goed te begrijpen. Zo waren de Duitsers de vijand en daar keek je voor uit. Verder dacht ik daar niet over na. Mijn vader had een timmerloods en daar timmerde ik bootjes. Het was allemaal erg simpel. Vele jaren heb ik maar wat gedaan. De programma's die ik maakte weerspiegelden wat ik vroeger ook deed, namelijk mopjes vertellen. Niets moeilijks, gewoon dat doen wat ik leuk vond en dat probeer ik nog steeds.

Hannes is geïllustreerd door illustrator Kees de Boer. In hoeverre heeft u zich bemoeid met de vormgeving van de tekeningen?

Helemaal niet. Ik wilde Kees de vrije hand hierin geven en heb hem het manuscript gestuurd met de mededeling hierbij tekeningen te maken. Hoe en bij welke verhalen liet ik geheel aan hem over. Ik ben zeer tevreden met het eindresultaat en vind dat de tekeningen goed passen bij de stijl waarin ik het boek heb geschreven. De voorkant is het Rozenwerfje in Marken, de woonplaats waarin ik woon. Dat was toevallig, maar wel heel erg leuk.

Naast het schrijven bent u vooral bekend om uw werk voor televisie. In Sesamstraat speelt u bijvoorbeeld de ietwat knorrige meneer Aart. Waaraan wijdt u zijn populariteit?

Iedereen herkent het type meneer Aart. We hebben allemaal wel iets van deze man in ons. Opvallend is dat mensen mij wel eens gelijkstellen met hem en in zekere zin kan ik dat ook wel begrijpen. Ik hou van knorrigheid en somberheid en draag dit ook in mij mee. Daarom vind ik Maarten van Rossem ook geweldig. De manier waarop hij zijn mening ventileert, de knorrigheid waarmee dit gepaard gaat, dat vind ik werkelijk kostelijk om naar te kijken en daar geniet ik erg van. Maar niet alleen volwassenen kunnen knorrig zijn, je hebt ook knorrige kinderen. Ook die zijn in mijn ogen helemaal okay. Toch ben ik natuurlijk niet dezelfde persoon als de meneer Aart van Sesamstraat. Hoe vaak ik ook als hem word aangesproken op straat, door kinderen, maar zeker ook door volwassen.

Bij het boek zit ook een luister CD. Past dat wel bij de filosofie van eenvoud die Hannes juist wil meegeven?

Ik heb een gedeelte van de verhalen voorgelezen. Niet alles kon op een CD en twee CD's werd gewoon te duur. Je hebt wel een beetje gelijk dat een CD niet echt bij de wereld past waarin Hannes leeft, maar ik heb deze CD voornamelijk gemaakt voor luie vaders en moeders (lacht).

Hoe heeft uw familie gereageerd op het boek?

Mijn kleinkinderen vonden het boek ontzettend leuk en hebben het met plezier gelezen. Ook de omgeving heeft goed gereageerd op Hannes. Inmiddels is het boek aan zijn tweede druk toe en ik ben alweer bezig met het vervolg op Hannes. Hierin is hij iets ouder. Namelijk zeven jaar.

Wat kunnen wij in dit vervolg verwachten?

Ik zal het onder andere hebben over kerstmis, waar Hannes niet al te veel van snapt. 'Waar woont Jezus dan', is een vraag die hij daarin stelt. Ook zal de moeder van Hannes een grotere rol krijgen. Ze is veel daadkrachtiger dan de vader van Hannes en in het tweede boek zal dit veel meer tot uiting komen.

Als het interview voorbij is, omdat ook voor Aart Staartjes de parkeermeter zonder mededogen is, loop ik naar de kassa om af te rekenen. Daar spreekt de barman mij voorzichtig aan. 'Was dat nou Aart Staartjes?' Bevestigend knik ik, waarna hij zich zijwaarts draait en met een grote glimlach tegen zijn ruim twintig jaar jongere collega vertelt, dat de man een icoon is. Deze knikt instemmend en noemt vervolgens een aantal televisieprogramma's op, waar hij Aart Staartjes van kent. Het enthousiasme vliegt over en weer en ik bekijk het geamuseerd. De tekst op de achterkant van zijn boek klopt.Aart Staartjes is wereldberoemd in Nederland en als ik daar aan mag toevoegen: 'Met zo'n beroemdheid, die zich onderscheidt door bescheidenheid en eenvoud, mag Nederland heel blij zijn.'...

 

Reacties

Nog geen reactie
 Reeds Geregistreerd? Hier Aanmelden
Gast
dinsdag 21 november 2017

Captcha afbeelding